Slimme sensoren in de sierteelt

Het sierteeltbedrijf Romberama werd afgelopen zomer bekroond door het Innovatiesteunpunt van de Boerenbond, voor de vernieuwende manier waarop ze werken met plantensensoren.

Op het eerste gezicht is Romberama in Loenhout een sierteeltbedrijf zoals een ander, zij het van de grote soort. In serres met een oppervlakte van 2 hectare kweken de broers Raf en Ben Rombouts amaryllissen, een bloem die vooral in Duitsland en Nederland populair is. Die landen zijn goed voor respectievelijk 60 en 35% van de afzet van het bedrijf. Slechts vijf procent is bestemd voor de Belgische markt.

Zeven jaar geleden kwam het bedrijf in handen van de tweede generatie. Innovatie zit de familie in het bloed. ‘Mijn vader was de eerste in ons land die met de kweek van aardbeien in serretunnels begon’, zegt Raf Rombouts. ‘Zo slaagde hij erin aardbeien anderhalve maand voor de concurrentie in de winkel te krijgen. Hij verwarmde als eerste serres met aardgas en pionierde in de hangcultuur voor aardbeien en de hydrocultuur van paprika.’

Ook de amaryllissen groeien niet in volle grond, maar op een substraat van perliet (gepofte lava). Elke vier jaar worden de bloembollen uitgedaan, waarna de bollen een warmwaterbehandeling ondergaan en het substraat gestoomd wordt om ziektes en parasieten te verwijderen. De bollen worden eerst gedroogd in een zelfgebouwde drooginstallatie en daarna ‘gekookt’ in water van 40 °C. De teelt is niet biologisch. Sinds er een plaag heeft gewoed in de serre zien de broers zich af en toe genoodzaakt te sproeien met bestrijdingsmiddelen. Raf: ‘We doen dat zo weinig mogelijk. We gebruiken natuurlijke schimmels om de bollen sterker te maken en werken zoveel mogelijk in harmonie met de natuur. We hebben geen andere keuze: de bestrijdingsmiddelen worden minder sterk, de plagen heviger. Ik ben voor duurzaamheid, maar als ik niet af en toe een correctie uitvoer met de spuit, kost me dat de kop.’

In samenwerking met de UGent test het bedrijf plantensensoren uit. Die sensoren zijn momenteel nog volop bezig met het verzamelen van data. In de tomatenteelt hebben deze sensoren al wonderbaarlijke testresultaten opgeleverd. ‘De sensoren geven informatie over de groei in functie van de relatieve luchtvochtigheid, licht, CO 2en de kastemperatuur. Een infraroodcamera meet de bladtemperatuur. Een algoritme berekent de verwachte groei van de planten. Over die gegevens beschikten we vroeger niet. Die kennis zal ons in de toekomst in staat stellen in te grijpen als de groei versnelt of vertraagt.’

In de praktijk zal de informatie de sierteler helpen om zijn planten tot volle wasdom te krijgen op het moment dat de veilingprijs het hoogst ligt, of de groei vertragen als de prijs te laag ligt. De prijsverschillen zijn aanzienlijk: na de topperiode van eind december kelderen de prijzen en liggen ze soms tot vijf keer lager dan tijdens de eindejaarsperiode. Of het gebruik van de plantensensoren de kosten zal compenseren, valt nog af te wachten. Alles samen is er met de opstelling van de sensoren nu al een investering van 14.000 euro gemoeid.

Voor warmteopwekking en koeling in de serre deden de broers een grotere investering, die hen een energiebesparing tot 50% zou moeten opleveren. Het tuinbouwbedrijf maakt gebruik van een gasgestookte absorptiewarmtepomp die tot 50 kubieke meter water per uur oppompt uit ondergrondse waterlagen, 120 meter diep. Naargelang de behoefte pompen ze warm water op om de serre te verwarmen of koud water om de ruimte en de bollen af te koelen: door een koude periode te simuleren, trekken alle reservestoffen uit het blad zich terug in de bollen, die na het drogen en verwarmen opnieuw gebruikt worden om kwaliteitsvolle bloemen te produceren.

Er wordt bij Romberama zo weinig mogelijk energie verbruikt, regenwater wordt gerecupereerd en de bloembedden zijn geïsoleerd. De broers bouwden heel wat machines eigenhandig: een bladsnijmachine om repetitief werk te automatiseren, een mobiel werkplateau van waarop ze een beter overzicht hebben op de bloemen achterin de serre, een droogtunnel vervaardigd uit oude ventilatoren. Raf met zijn technisch doorzicht en de drie jaar jongere Ben, die handig is, vullen elkaar daarbij perfect aan. Een netwerk van contacten helpt de siertelers om de juiste beslissingen te nemen: de UGent, het innovatiecentrum van de Boerenbond, de energiewerkgroep van het Vlaams Milieuplatform sierteelt en Vito Energy.

Er is maar één groot probleem waar de siertelers mee kampen: het vinden van geschikt personeel. ‘De overheid doet haar best met de invoering van de plukkaart voor seizoenarbeiders, maar het blijkt onmogelijk om Belgen te vinden die dit werk willen doen. Nu laten we mensen overkomen uit Roemenië, voor wie we slaap- en leefgelegenheid hebben moeten bouwen. Daar komt heel wat papierwerk bij kijken.’ Waar Raf Rombouts ook niet mee opgezet is, is de administratieve rompslomp die milieu- en andere vergunningen meebrengen. ‘Voor de warmtepomp alleen heb ik voor 20.000 euro aan milieustudies moeten laten uitvoeren. Voor de bouwvergunning net hetzelfde. Het duurt tot vier jaar voor je een stap verder kunt zetten. Ik begrijp dat vergunningen niet van vandaag op morgen kunnen worden geregeld, maar dat is echt te lang.’

Verschenen in De Standaard, als vierde deel van de Innovatiereeks.

http://www.romberama.be/