Wat goed is voor het klimaat, is goed voor de economie

De Europese economie aanzwengelen door de klimaatdoelstellingen aan te scherpen: dat is wat we moeten doen volgens een recent rapport van het Duitse ministerie voor Leefmilieu. Ook Vlaanderen lijkt bereid verder te gaan dan de geplande emissiereductie met 15% tegen 2020.

Vlaams minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur Joke Schauvliege is voorstander van een emissiereductie met 30% voor alle industrielanden. Minister Schauvliege zit daarmee op één lijn met haar collega-ministers uit Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittanië en met een onlangs gepubliceerd rapport, A New Growth Path For Europe. Generating Prosperity and Jobs in the Low Carbon Economy, een gezamenlijk werkstuk van het Potsdam Institute for Climate Impact en de universiteiten van Oxford, Athene en Parijs. Alleen is het nog even wachten in hoeverre de enthousiaste pleidooien in Europese en nationale doelstellingen worden gegoten.

Niet alleen vanuit milieu-oogpunt, maar ook vanuit economisch standpunt zijn er tal van redenen om dat te doen. Als de EU-economie verder wil groeien na de crisis, kan dat door de target van de emissiereductie die nu op 20% staat tegen 2020 te verhogen naar 30%, stelt het Growth Path-rapport. Het verhogen van de emissiedaling tot -30% leidt tegen 2020 tot de volgende effecten:

  • een toename van de groei van de Europese economie met 0,6;
  • 6 miljoen nieuwe, bijkomende jobs in heel Europa;
  • een stijging van de investeringen in Europa van 18 naar 22% van het BBP;
  • een stijging van het Europese BBP met 842 miljard dollar;
  • een stijging van het BBP met 6% in de oude en nieuwe deelstaten van de EU.

Het in de praktijk brengen van deze ambitieuzere milieudoelstelling leidt tot een groei in alle sectoren – landbouw, energie, diensten, industrie, bouw – met de grootste stijging in de bouwnijverheid, dankzij de vele aanpassingen om gebouwen energiezuiniger te maken. De uitstootreductie wordt gerealiseerd door de toegenomen energie-efficiëntie enerzijds en door de omschakeling van steenkool naar henieuwbare energiebronnen en gas. De sleutel tot de heropleving is een substantiële toename van investeringen.

Om de voorgestelde strategie van groene groei (of CO2-arme groei) te laten slagen, zijn een aantal maatregelen nodig, zoals het verstrengen van bouwvoorschriften, de standaardisering van smart grids en het ontwikkelen van leernetwerken tussen ondernemingen. Indien aan alle voorwaarden voldaan wordt, voorspelt het rapport de volgende economische groeicijfers voor België, inclusief een bijkomende daling van de werkloosheid met 2,5%.

Emissiereductie 20% Emissiereductie 30% Verschil 20% – 30%
BBP 449 miljard euro 476 miljard euro + 27 miljard euro
Werkloosheid 7,8% 5,3% – 2,5%
Investeringsniveau 101,1 miljard euro 127,7 miljard euro + 26,6 miljard euro

De groene wereldorde
Dat economie en milieu steeds meer aan elkaar gelinkt worden, is een interessante evolutie. ‘Make no mistake‘, zei Deutsche Bank-CEO Josef Ackermann op de Global Metro Summit in Chicago, op 8 december 2010. ‘Er zit een nieuwe wereldorde aan te komen. De race om de nieuwe leider is al begonnen. De beloning voor de winnaars is duidelijk: innoveren en investeren in schone energietechnologie stimuleert groene groei, creëert jobs en bevordert energie-onafhankelijkheid en veiligheid.’

Afgelopen zomer spraken de Duitse, Britse en Franse milieuministers zich uit voor een Europese CO2-reductie met 30%. Drie vaststellingen hebben hen tot die stap gebracht. Ten eerste zijn de emissies ten gevolge van de crisis al met 11% teruggevallen. Daardoor is de kost om de 20%-doelstelling te halen, teruggevallen van 70 naar 48 miljard euro. ‘De lat op 30% leggen kost naar schatting maar 11 miljard euro extra in vergelijking met de oorspronkelijk voorziene kost om een emissiebeperking van 20% te bereiken’, schrijven de verenigde milieuministers, die daarbij aanstippen dat die bijkomende kost minder dan 0,1% van de EU-economie vertegenwoordigt. Een derde argument is de stijgende olieprijs, die trager overschakelen naar hernieuwbare energie steeds duurder maakt.

Ook de Vlaamse milieuminister Joke Schauvliege (CD&V) sluit zich bij dit pleidooi voor -30% aan, weliswaar onder voorwaarden. ‘Vlaanderen is voorstander dat de EU tegen 2020 zijn emissies van broeikasgassen met 30% reduceert ten opzichte van de niveaus van 1990,’ luidt het. Maar dit kan alleen ‘op voorwaarde dat de andere ontwikkelde landen (VS, Japan, Rusland…) zich tot vergelijkbare emissiereducties verbinden en dat de meer ontwikkelde ontwikkelingslanden (China, India, Brazilië…) een bijdrage leveren die in verhouding staat tot hun verantwoordelijkheden en capaciteiten.’

25% tegen 2020
Dat de VS en Rusland in een dergelijk scenario zouden meestappen, lijkt onwaarschijnlijk. Wat wel haalbaar lijkt, is een emissiereductie met 25% tegen 2020 op Europees niveau. Brigitte Borgmans, persdadviseur van minister Schauvliege, stelt: ‘De Europese Commissie heeft recent een roadmap voorgesteld voor een veilige en duurzame koolstofarme economie in 2050. In dat rapport wordt een unilaterale Europese doelstelling voorgesteld van – 25% tegen 2020. Er worden ook sectorale targets voorgesteld.’

‘Er zijn in Vlaanderen al belangrijke concrete inspanningen gedaan door bedrijven en particulieren,’ stelt Brigitte Borgmans. ‘Momenteel bereidt minister Schauvliege een nieuw Klimaatbeleidsplan voor de periode 2013-2020 voor. Zoals in het huidig Vlaams Klimaatbeleidsplan zullen ook in het nieuwe plan concrete maatregelen staan om in verschillende sectoren (transport, gebouwen, landbouw, kleinere bedrijven) de uitstoot van broeikasgassen in Vlaanderen verder te verminderen. Met haar Europees pleidooi voor duurzaam materialenbeheer heeft de minister een extra impuls gegeven aan de ontwikkeling van een duurzame, op cradle to cradle-principes gestoelde economie.’

Met hoeveel de emissies in Vlaanderen precies zullen worden verminderd in de komende periode, staat nog niet vast. ‘Er is een verschil tussen de totale emissiereductie op Europees niveau en de inspanningen die elk land afzonderlijk moet doen’, legt Brigitte Borgmans uit. ‘Wat dat betreft, bekijken wij in Belgisch verband tot welke inspanningen elke deelstaat zich zal engageren. Voor het einde van dit jaar zou alles op punt moeten staan.’

-7,7 % in 2009
Hoe staat het ondertussen met de realisatie van de doelstellingen van Vlaanderen? Het kabinet Leefmilieu stuurde op woensdag 23 maart een enthousiast persbericht rond, waarin het evenwel toegaf dat de gerealiseerde reductie van -7,7% (in vergelijking met 1990) gedeeltelijk een gevolg is van de economische crisis en waaruit ook blijkt dat er nog heel wat werk aan de winkel is.

Nader toezien leert dat er een stevige daling van de CO2-uitstoot valt waar te nemen in de industrie, de landbouw en de elektriciteitsproductie. De CO2-uitstoot nam in die negentien jaar echter toe voor de sectoren transport en gebouwen. Wat gebouwen betreft, is het de hoogste tijd om werk te maken van nog strengere (ver)bouwnormen en nog meer isolatie. Dubbel glas, geïsoleerde daken en efficiënte stookinstallaties moeten de norm worden in Vlaanderen, met speciale initiatieven voor de lagere inkomens. Op het gebied van transport lijkt het logisch om nog veel sterker in te zetten op openbaar vervoer, en waar mogelijk over te schakelen op trein- en binnenvaarttransport voor goederenverkeer.

Aandeel van de diverse sectoren in de broeikasgasuitstoot in 1990 en 2009
(Bron: Kabinet Leefmilieu Vlaanderen):

Sector 1990
(kton CO2-eq)
2009
(kton CO2-eq)
Elektriciteitsproductie 13.824 11.752
Industrie 36.170 29.026
Gebouwen 14.168 16.622
Transport 12.451 15.579
Landbouw 10.372 7.242
Totaal 86.986 80.220

 

Verschenen in Argus Actueel, 25/3/2011

Het meisje in de cirkel

De Italiaanse fotojournalist Francesco Zizola (°Rome, 1962) schreef al acht World Press Photo Awards op zijn naam, waaronder de World Press Photo of the Year in 1996. Hij publiceerde vijf fotoboeken en is mede-oprichter van het in Amsterdam gevestigde foto-agentschap NOOR. Voor De Klik koos hij deze foto.

Als een van de eerste West-Europese journalisten bracht Francesco Zizola verslag uit van de gevolgen van de milieuvervuiling rond het Aralmeer, een van de verschrikkelijkste door de mens veroorzaakte milieurampen van onze tijd. ‘De gezondheid van de mensen die wonen rond het Aralmeer, ooit een van de grootste meren ter wereld, lijdt nog altijd onder het overmatig gebruik van pesticiden bij de katoenproductie’, legt Zizola uit. ‘Kinderen die er geboren worden hebben massaal last van misvormingen en leukemie.’

Pas in 1997 sijpelde nieuws over deze problematiek door naar het Westen en Zizola reisde er naar toe. ‘De magazines die ik op voorhand contacteerde, waren niet zwaar onder de indruk van het verhaal. Dus besloot ik de reportage met eigen middelen te financieren. Uit ervaring weet ik dat het achteraf altijd wel lukt om de beelden te verkopen.’

Wat zien we precies op dit meestershot? ‘Deze foto toont twee zussen op de speelplaats van een school voor kinderen met een zware handicap’, zegt Francesco. ‘Het rechtse meisje deed de hele tijd alsof ze me niet zag, de andere keek me wel aan. Het beeld met één meisje in de cirkel gevormd door een onderdeel van een speeltuig en de andere erbuiten, heeft iets mysterieus. Je kan heel wat symboliek uit dit beeld puren, niet alleen over dit specifieke verhaal, maar over fotografie in het algemeen. Hoe kadreert de fotograaf? Wat neemt hij in het vizier en wat laat hij erbuiten? Wat geeft hij betekenis en wat niet? Dat is een heel belangrijke verantwoordelijkheid, met name voor de fotojournalist.’

Hoe kwam de foto tot stand? ‘Toeval speelt altijd een rol bij fotografie’, zegt Francesco, ‘Maar als fotograaf moet je het toeval ook een handje helpen. Het oude speeltuig op de speelplaats trok me onmiddellijk aan vanwege zijn ongewone vorm. Vervolgens was het een kwestie van wachten tot de meisjes zich precies in de juiste positie bevonden, en afdrukken.’

Later trokken andere journalisten ter plaatse, het schandaal van het geslonken Aralmeer en zijn vervuilde omgeving kreeg internationale weerklank. Hulporganisaties zorgden ervoor dat de lokale bewoners terug beschikking kregen over drinkbaar water. Is dat het ultieme doel van Zizola, de wereld veranderen? ‘Fotografen kunnen de geschiedenis niet veranderen’, zegt hij. ‘We kunnen wel kiemen van een andere visie bij de mensen zaaien, de mensen beter bewust maken van de realiteit. Een van de foto’s die mij voor fotografie heeft doen kiezen, is het beeld van de jonge Kim Phúc, gemaakt door Nick Ut na een napalmbombardement in Vietnam. Een beeld dat de oorlog niet gestopt heeft, maar wel de publieke opinie beïnvloed. Misschien veranderen mijn foto’s niets of maar heel weinig, maar zelfs als het heel weinig is, zou ik daar al heel blij mee zijn. Zo heb ik ooit een vrouw ontmoet die een Braziliaans kindje had geadopteerd nadat ze een reportage van mij had gezien over Braziliaanse straatkinderen. Een bewijs dat fotografie af en toe kleine dingen in beweging kan zetten.’

De rode draad in de carrière van Francesco Zizola is focussen op het dagelijks leven van kinderen over heel de wereld. De sterkste foto’s uit dit van 1991 tot 2004 lopend project werden gepubliceerd in het boek Born Somewhere. Waarom kinderen? ‘Door de realiteit van kinderen in beeld te brengen, wou ik de mensen bewust maken van de nabije toekomst van de wereld. Het was een manier om belangrijke onderwerpen aan te snijden, zoals het milieu, oorlog, discriminatie, gezondheid, aids, malaria. Want hoe we met onze kinderen omgaan, vertelt ons hoe onze toekomst er zal uit zien – zonder dat ik daar overigens een moreel oordeel over vel.’

Na jaren in zwart-wit gewerkt te hebben, is Zizola nu een fervent kleurenfotograaf. ‘Omdat we nu dank zij de digitale technologie zo ver zijn dat je als fotograaf controle hebt over je eindproduct. Hoe het rood eruit ziet, is niet langer een kwestie van welke film je gebruikt, maar van jouw keuze. Als ik deze foto opnieuw mocht maken, zou ik waarschijnlijk voor kleur kiezen. De kleuren van de hemel daar, vol donkere wolken: ik denk dat dat ook wel zou werken. Maar dat is niet zo’n belangrijke kwestie – de echte magie van een foto zit hem altijd in de afgebeelde personages.’

www.zizola.com

Verschenen in Focus, april 2011